
“Stoppen met roken gaf me geen stress, maar juist rust”
Saskia Fransen (39) is voorzitter van de cliëntenraad van Parnassia Haaglanden. Ze zit al zes jaar in de cliëntenraad en hanteert meer dan een jaar de voorzittershamer. Ruim een jaar geleden stopte ze met roken, na jarenlang een verstokte roker te zijn geweest. Dagelijks 25 sigaretten haalde ze wel. Vanuit haar eigen ervaring en vanuit cliëntperspectief praat ze over stoppen met roken.
Mag ik alweer?
Saskia begon met roken toen ze ongeveer dertien jaar oud was. “Roken hoorde bij mijn leven. Het was zo normaal geworden.” Lange tijd dacht ze dat ze er controle over had. Tot ze merkte dat ze steeds vaker op de klok zat te kijken. Mag ik alweer?
Bewust worden dat ze verslaafd was aan haar sigaret kwam op een onverwacht moment. “Ik was onderweg naar huis en had nog een sigaret gerookt. Het pakje lag op de bijrijdersstoel en vloog in een bocht op de grond. Ik dacht: dat red ik wel. Maar ik werd zó onrustig dat ik bij het eerste tankstation stopte om dat pakje weer op de stoel te leggen. Toen moest ik hard om mezelf lachen en dacht: dit is niet oké.”
Met die ervaring deed ze nog niets. Niet veel later kreeg ze een zware longontsteking. “Ik zat daar, bij de huisartsenpost, benauwd en van de pijn, en dacht: stel dat ze me opnemen. Dan moet ik nu nog even een sigaret roken, want dat kan straks misschien niet.” Dat was voor haar het kantelpunt.”
Zelf controle over mijn leven
Ik wil niet dat andere dingen mijn leven bepalen, geeft Saskia aan als reden om naar de huisarts te gaan. Daar werd ze doorverwezen naar SineFuma. “Ik wilde bewust niet per 1 januari stoppen. Goede voornemens zijn vaak gedoemd te mislukken.” Ze koos voor een online coachingstraject, gecombineerd met nicotinepleisters.
Roken en herstel: een spanningsveld
Dat Parnassia werkt aan een rookvrije organisatie speelde mee, maar was niet doorslaggevend. Saskia denkt even na. “Ja en nee. Vanuit de cliëntenraad houden we ons hier veel mee bezig. Ik ben altijd wel opgekomen voor de rokende cliënt.”
Ze begrijpt waar de behoefte aan roken vandaan komt. “Zeker als je opgenomen bent, heb je al zoveel regels. In periodes dat het heel zwaar was en ik veel opgenomen ben geweest, waren sigaretten soms het enige wat ik nog had. Dat rookmoment hielp me de dag door.”
Tegelijkertijd werd ze zich bewuster van haar eigen rookgedrag. “Je snapt dat de organisatie alles doet om herstel te bevorderen, en roken werkt daar vaak tegenin. Dat maakt het ingewikkeld. Het is echt een spanningsveld.”
“Op een gegeven moment besef je: de verslaving heeft jou in de hand”
Stoppen op het juiste moment
Voor Saskia was timing cruciaal. “Stoppen met roken is lang afgeraden door mijn hulpverleners. Mijn behandeling vroeg al veel van me. Stoppen zou extra stress kunnen geven, en ze waren bang dat ik zou ontregelen.” In goed overleg stopte ze uiteindelijk. “Ik heb het gedeeld met mijn omgeving en met de cliëntenraad. Iedereen was begripvol en steunend. Dat heeft me enorm geholpen.”
Te simpel gedacht
Aandacht voor de complexiteit van stoppen mist Saskia in alle communicatie. “Er wordt vaak gedacht: we vervangen het roken even met een pleister. Maar zo simpel is het niet. Ik rookte ongeveer 25 sigaretten per dag en bleek ‘zeer ernstig verslaafd’. Dan begin je niet met afbouwen, maar juist met overdoseren, zodat je eerst van de gewoonte afkomt. Pas daarna pak je de nicotineverslaving aan.”
Rust en ruimte
Hoe voelt het nu, een jaar later? Saskia glimlacht. “Echt heel goed. Ik ben veel minder gestrest.” Waar ze dacht dat stoppen haar juist onrust zou geven, gebeurde het tegenovergestelde. “De hele dag was ik bezig met wanneer ik weer kon roken, of ik nog genoeg sigaretten had, of ik even weg kon uit een vergadering. Die onrust is weg. Ik kan nu gewoon een vergadering uitzitten. Dat geeft rust. En tijd.”
Die tijd besteedt ze nu anders. “Mijn smaak is verbeterd, ik kook verser, ik sport drie keer per week. Omdat ik niet meer met roken bezig ben, heb ik ruimte gekregen voor andere dingen.” En spijt dat ze jarenlang gerookt heeft? “Nee. Ik had het roken toen nodig. Het hielp me de dag door.”
‘Gun sommige cliënten een rookmoment’
Volgens Saskia is dit een belangrijke les. “Als ik naar mezelf kijk was ik een paar jaar geleden er nog echt niet aan toe om te stoppen. De sigaret was iets wat me de dag door hielp, ik had het nodig. Het had mij en mijn herstel niet geholpen als ik moest stoppen. Misschien moeten we wat coulance betrachten voor sommige cliënten.”
Wat niet wegneemt dat we wel met cliënten het gesprek over roken moeten aangaan. “Cliënten zijn niet per se tegen stoppen met roken. Wel tegen opgelegde besluiten. “Neem cliënten, op afdelingsniveau, mee in plannen en veranderingen die hen raken. Ga in gesprek. Dat zorgt voor bewustwording en die opening is nodig. “Want eerlijk is eerlijk,” zegt Saskia tot slot, “dat zou jij zelf toch ook willen?”
Parnassia Rookvrij
Bij Parnassia, als ook bij alle andere onderdelen van Parnassia Groep, is niet roken de norm. We vragen collega’s, cliënten en anderen om onze omgeving rookvrij te houden. Zo zetten we samen stappen naar een rookvrije toekomst, want iedereen heeft voordeel bij een gezonde leef- en werkomgeving. Daarom zijn al onze locaties sinds 1december 2025 rookvrij, in lijn met de afspraken uit het Nationaal Preventieakkoord.
