
Pride 2026 – Het verhaal van Gerard van Unen
In augustus vaart Gerard van Unen, directeur zorg bij Parnassia Noord-Holland, mee met de Canal Parade in Amsterdam. Voor hem heeft Pride een dubbele betekenis: ‘Het is een soort vuist omhoog. We staan voor onze rechten, maar dan wel met een vette glimlach,’ zegt hij.
Een keurig jongetje met een geheim
Gerard wordt dit jaar 55 en kwam op zijn vijftiende uit de kast. Hij groeide op in een gereformeerd milieu, speelde orgel in de kerk en was, zoals hij zelf zegt, een keurig jongetje. Tegelijk wist hij al vroeg dat er iets met hem was dat niet benoemd werd. ‘Ik werd vanaf mijn achtste, negende verliefd op andere jongetjes. Maar daar had niemand het over, dus het bleef een geheimpje.’
Na een moeilijk schooljaar ging hij uiteindelijk het gesprek met zijn ouders aan. Het gesprek duurde tot diep in de nacht, maar voor Gerard stond één ding vast: ‘Ik ga mezelf niet meer voor de gek houden, het is slikken of stikken.’ Achteraf noemt hij het de beste beslissing die hij ooit heeft genomen. ‘Ik ging van een heel introvert jongetje naar een extravert iemand. Ik trok mij niks meer aan van wat anderen ervan vonden, want ik mocht er zijn. Dat gaf een enorme vrijheid.’
Realiteit achter de feestvreugde
Die vrijheid voelde in de jaren negentig bijna vanzelfsprekend. ‘We dachten dat we er wel zo’n beetje waren met de emancipatie. Acceptatie groeide, het homohuwelijk kwam eraan. Als ik dan nu kijk, we zijn zo’n 30 jaar verder, dan zijn we toch wel op een triest dieptepunt beland als het gaat over de acceptatie van seksuele diversiteit en de queer community.’
Gerard wijst daarom ook op de realiteit achter de feestvreugde. ‘Als je wereldwijd kijkt, zijn er nog altijd tientallen landen waar seksuele diversiteit strafbaar is. In enkele landen staat er zelfs de doodstraf op.’ Ook ziet hij dat er in westerse landen, zoals de Verenigde Staten van Amerika, in krap een jaar tijd meer dan duizend wetten zijn aangenomen die gericht zijn tegen seksuele- en genderdiversiteit.
‘Tijdens Pride staan er ook mensen op de boten en langs de kant die uit landen komen waar die vrijheid er niet is,’ zegt hij. ‘Ik voel mij in Nederland beschermd door onze Grondwet. Dat geeft mij een gevoel van veiligheid en dat gun ik anderen ook. Voor hen is het belangrijk om te zien dat het ook anders kan. Dat minderheden beschermd worden, zelfs tegen de mening van de meerderheid.’
Jezelf niet meer verbergen
Dat Pride soms als uitbundig of overdreven wordt gezien, begrijpt hij wel. Maar het is ook een manier om jezelf niet meer te verbergen. ‘Tijdens Pride heb je even het gevoel dat je in de meerderheid bent en niet hoeft na te denken of je anders bent. Veel mensen beseffen zich niet hoe fijn het is om je herkend te voelen in de mensen die je tegenkomt op straat.
Binnen Parnassia Groep herkent hij dat gevoel van jezelf kunnen zijn. ‘We hebben een open cultuur op het gebied van seksuele minderheden. De afgelopen jaren hebben we hier veel aandacht aan besteed. Het zorgt ervoor dat we op een andere manier naar de mensen om ons heen kijken en naar ze luisteren.’
We moeten leren verdragen
Liefde, intimiteit en verlangen zijn van iedereen. Toch merkt Gerard dat die diversiteit voor sommige mensen soms te dichtbij komt en spanning oproept. ‘We lijken opnieuw te moeten leren om te verdragen,’ zegt hij. ‘Als je om je heen kijkt, is er zoveel diversiteit op allerlei vlakken. Als we accepteren dat het ook anders kan en het mensen gunnen om hun persoonlijk leven naar eigen inzicht in te kleuren, dan kan deze wereld zoveel meer aan.’
Het blijft daarom belangrijk om af en toe op te staan om te laten zien dat je er bent en dat je staat voor je zaak. Serieus en met een knipoog tegelijk. ‘We staan straks natuurlijk wel in leuke outfitjes op die boot,’ zegt hij. ‘Dat hoort er ook gewoon bij. Ik heb mijn best gedaan om een leuk setje uit te zoeken, komt dat zien!’
Dit verhaal maakt deel uit van een reeks portretten van collega's die meevaren op de Pride-boot van Parnassia Groep.
